Cookies
Deze website maakt gebruikt van cookies om uw gebruikservaring te verbeteren. Lees hier de Privacy Policy voor meer informatie.
Ik snap het

Ben jij geschikt als ondernemer? Ontdek het binnen 5 minuten.

Aantrekkelijke webteksten schrijven – 7 tips

Ken je dat?

Je weet veel over een onderwerp, maar je hebt moeite om het gestructureerd op te schrijven. Je wil een blog bijhouden, maar weet niet hoe je je teksten aantrekkelijk maakt. Je zit te zweten, raakt in paniek omdat je nog veel meer moet doen en niet de hele dag aan je blog kan besteden… Je moet nú actie ondernemen, maar je weet niet hoe. Lees dan verder, want ik geef je 7 tips voor aantrekkelijke webteksten.

Met ‘aantrekkelijk’ bedoel ik hier: aantrekkelijk voor de lezer. Nu is dat wel steeds meer hetzelfde als ‘aantrekkelijk voor de zoekmachines’, maar daarover lees je meer in mijn artikel met SEO-tips. In dit artikel ga ik in op scanbaarheid en schrijfstijl, zodat je je lezer optimaal bedient.

Over dit onderwerp kan je boekenkasten vol schrijven, maar dat doe ik niet. Ik geef je alleen de 7 belangrijkste tips, waarmee je meteen aan de slag kan. Snel resultaat gegarandeerd, wanneer je deze praktische tips toepast.

Tip 1. Schrijf scanbaar

Eyetracking_FInternetters zijn ongeduldig. Héél ongeduldig. Ze scannen een pagina om in te schatten of die hen brengt wat ze zoeken. Zo niet, dan zijn ze binnen enkele seconden weer weg.

Omdat je van een scherm – een lichtbron – 25{8e8c2691915c24763fc028930ca1e490a9ddc5a61c3a70ba035c28e422ad5c36} langzamer leest dan van papier, is het extra belangrijk de tijd van je bezoeker niet te verspillen.

Net als boek- en tijdschriftlezers beginnen ze linksboven, maar daarna vliegen hun ogen alle kanten op. Hun leespatroon volgt een F-vorm. Kijk maar ‘ns naar dit plaatje van een eyetrackingsonderzoek. Je ziet dan meteen dat mensen ook veel bovenin blijven hangen en in eerste instantie niet de moeite nemen om de pagina te lezen of te scrollen.

Waar letten ze op? Hoe scannen ze? Natuurlijk springen opvallende items er het snelst uit:

  • benadrukte woorden (vaak dikgedrukt of gemarkeerd)
  • hyperlinks
  • koppen en tussenkoppen. TIP: liever informatief dan gevat
  • opsommingen. TIP: zet er een oneven aantal items in: 3, 5 of max. 7. Dat leest men eerder
  • video’s, geluidsfragmenten, afbeeldingen met evt. onder- of bijschriften

En de belangrijkste zones zijn dus de bovenste, vooral linksboven. Plaats daar dus je belangrijkste content.

Hoe schrijf je scanbaar?

Behalve de tips in bovenstaande opsomming, gelden nog andere ‘regels’:

  • 1 onderwerp per alinea met belangrijkste (topische) zin vooraan
  • max. 50 woorden per alinea
  • omgekeerde piramide: de belangrijkste tekst eerst, daarna de uitbreiding
  • gebruik veel witregels
  • gebruik cijfers en symbolen, zoals {8e8c2691915c24763fc028930ca1e490a9ddc5a61c3a70ba035c28e422ad5c36} i.p.v. ‘procent’
  • gebruik simpele woorden
  • zet max. 14 woorden in een zin

Een andere tip: zet een inhoudsopgave boven aan je pagina, zoals ik heb gedaan. Dan kan ziet je lezer meteen wat hij er kan verwachten. Voorwaarde is natuurlijk wél dat je tussenkoppen gebruikt die het verloop van je tekst dekken (samenvattend zijn) en informatief zijn.

Over die korte zinnen: dat is fijn voor de scanbaarheid. Maar maak ze ook weer niet al te kort. Want dan wordt het heel staccato. En dat leest vervelend. Zoals je merkt. Gebruik daarom een afwisselend ritme, met lange én korte zinnen. Meer over zinsopbouw vind je verderop.

Tip 2. Betekenisvolle koppen en links

Hoe vaak zie je sites met links die eruit zien als ‘klik hier om je in te schrijven voor cursus X’? Inderdaad, nog veel te vaak.

Gebruik betekenisvolle links; laat zien waar je bezoeker naartoe gaat. Hierdoor ben je gedwongen je tekst actief te maken (zie verderop). Het voorbeeld hierboven wordt dan: ‘Schrijf je in voor cursus X‘.

Een bijkomend voordeel is dat je beter vindbaar bent. Want zeg nou zelf: Google kan toch niet raden waarop jij gevonden wil worden met ‘klik hier’? Een gemiste kans, want hyperlinks wegen zwaarder in de zoekresultaten dan gewone tekst.

Ook voor koppen en tussenkoppen geldt: maak ze betekenisvol. Als je een recensie schrijft van een concert, heeft de lezer weinig aan ‘Beethoven in De Doelen’. Hij vraagt zich op z’n minst af:

  • wie voerde Beethoven uit?
  • welk stuk was het?
  • was het goed of slecht?

Schrijf je ‘Kronos Kwartet met verfrissende uitvoering van Beethovens laatste strijkkwartet’ of ‘Kronos Kwartet werpt nieuw licht op Beethovens laatste strijkkwartet’, dan ben je al veel specifieker. Fijn voor je lezers én voor Google. Want omdat de belangrijkste termen (Beethoven, Kronos Kwartet’ en ‘laatste strijkkwartet’) in de kop staan, wegen ze zwaarder in de zoekresultaten.

Dit zijn natuurlijk maar een fictieve titels, maar wél prikkelende titels; je lezer wil weten wat er dan verfrissend of nieuw was en leest verder.

Tip 3. Vermijd ruis

RuisOnder ruis versta ik onduidelijkheden en overbodige woorden. Roep geen vragen op die je niet beantwoordt en vermijd woorden als ‘zullen’ en ‘er’. In 95{8e8c2691915c24763fc028930ca1e490a9ddc5a61c3a70ba035c28e422ad5c36} van de gevallen kan je het weglaten. Vermijd ook bijzinnen of dingen tussen haakjes, maar maak er geen wet van Meden en Perzen van. Schrijf vooral goedlopende teksten.

Ruis is ook:

  • tangconstructies
  • passief en wollig taalgebruik
  • naamwoordconstructies

Tangconstructies

TangEen tangconstructie is een zin waarin delen die bij elkaar horen, (ver) uit elkaar staan. Die delen omsluiten de andere woorden als het ware als een tang. Dat is grammaticaal wel correct, maar leest op een scherm onprettig. Het is niet scanbaar, je doet er langer over om het te begrijpen en dat kost kostbare tijd.

Fout‘: Mijn buurjongen bereidt zich al een maand lang van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat voor op zijn toelatingsexamen.
Goed: Mijn buurjongen bereidt zich voor op zijn toelatingsexamen; van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat, al een maand lang.
Of knip de zinnen op: Mijn buurjongen bereidt zich voor op zijn toelatingsexamen. Al een maand lang, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat.

Passief taalgebruik

Passief taalgebruik wordt gekenmerkt door het woord ‘worden’.

Deze openingszin is bij uitstek zo’n passieve zin. In actieve vorm wordt het: ‘Passief taalgebruik is herkenbaar aan het woord ‘worden’.’

Zinnen worden vaak erg lang, omdat ‘worden’ gepaard gaat met ‘door’. Ambtenaren schrijven vaak expres zo, omdat de ‘actor’ onduidelijk moet blijven. De actor is degene die de handeling verricht, in dit voorbeeld ‘ambtenaren’. Maar heel vaak kan je die actor gewoon opvoeren, tenzij die onbekend is natuurlijk.

Passieve zinnen, ook die waarin de actor duidelijk is, kunnen heel vaak actief worden geformuleerd. Dat maakt de zinnen korter en duidelijker, en daarmee prettiger leesbaar.

Fout: Er werd gespeeld door de plaatselijke jeugdvoetbalclub, er werd gewonnen met 2-1.
Goed: De plaatselijke voetbalclub speelde goed, de jongens wonnen met 2-1.

Naamwoordconstructies

Naamwoordconstructies zijn werkwoorden die als zelfstandig naamwoord worden gebruikt (misbruikt), doordat ze een lidwoord krijgen en ‘van’. Bijvoorbeeld ‘het aanleren van…’. Ook dit zie je vaak in ambtelijke taal. Dergelijke constructies zijn niet altijd te vermijden, maar in de meeste gevallen wel.

Door ze te vermijden, maak je je zinnen korter, actiever en prettiger leesbaarder. Vooral bij opsommingen. Die zijn er om teksten scanbaar te maken. Maar door je zin te beginnen met ‘het … van’, is het zoekwoord naar achteren verdwenen. Je doel, scanbaar schrijven, streef je dan voorbij.

Fout: Goede webpagina’s schrijf je door het scanbaar maken van je teksten.
Goed: Goede webpagina’s schrijf je door je teksten scanbaar te maken.

Tip 4. Consequente aanspreekvorm

Spreek je je lezer aan met ‘je’ of met ‘u’? Of schrijf je alles in de ik-vorm, bijv. bij FAQ’s of handleidingen? Het maakt niet zo veel uit, als je maar consequent bent. Overigens is de ik-vorm wel lastig, want die kan je bijna nooit op je hele site toepassen; daar gaat je consequentie.

Bedenk wie jouw doelgroep is, kies één ideale lezer, zeg: je buurvrouw. Schrijf artikelen die haar haar aanspreken:

  • qua inhoud
  • qua schrijfstijl
  • qua aanspreekvorm (je/u)

Stijlgids

Tip: bedenk al dit soort zaken en leg ze vast in een stijlgids. Hierin bepaal je o.a.:

  • of je de spelling van het Groene of Witte boekje gebruikt
  • of je getallen uitschrijft of met cijfers noteer
  • of en hoe je symbolen gebruikt
  • welk lettertype je gebruikt in on- en offline uitingen
  • de aanspreekvorm
  • hoe je eigennamen en andere bijzondere woorden spelt
  • hoe je opsommingen maakt: met of zonder hoofdletters en punten

» Meer over stijlgidsen op Wikipedia met links naar voorbeelden van kranten

Tip 5. Opmaak

Lettertypes_800pxPlaats plaatjes, links en tussenkoppen, maar maak het niet te bont. Dit soort toevoegingen dienen de lezer, het moet de pagina makkelijker te begrijpen maken. Verzand niet in te veel paragraafniveaus en lettertypen, – grootten en -kleurtjes.

Houd het overzichtelijk.

Tip 6. Maak je teksten niet te kort

Korte teksten zouden het beste werken op internet. Dat is slechts gedeeltelijk waar.

Mensen scannen en willen daarom snel kunnen zien (lezen) waar de pagina over gaat. Maar mensen die gericht zoeken, willen meer weten over dat onderwerp, en die help je niet met 300 woorden.

Bovendien zoeken zoekmachines op tekst, dus ‘tekst = informatie’. Filmpjes en afbeeldingen zijn prima, maar tekst is nog steeds het belangrijkst.

En als je je teksten met de belangrijkste informatie begint en daarna de uitbreidingen ‘uitrolt’, bedien je beide soorten lezers.

Tip 7. Schrijf je eigen tekst

Beter goed gejat dan slecht bedacht gaat niet op voor sites. Je kan natuurlijk wel ideeën opdoen op andermans sites en delen van teksten gebruiken om te citeren, maar maak er altijd je eigen tekst van.

Reageer op andere teksten en link daarheen, combineer onderwerpen, maar neem niets letterlijk over. Ook niet in vertaling. Google straft je hiervoor af.

En waarom zou het überhaupt doen? Je bent toch expert in je vakgebied? Dan heb je echt wel wat te vertellen, als het goed is meer dan 300 woorden (SEO-richtlijn). Jatten is dus nergens voor nodig.

Samenvatting

Met deze 7 praktische tips voor aantrekkelijke webteksten kan je zelf je website al flink verbeteren. Goed voor je lezer, die lekker snel kan scannen, én voor je vindbaarheid in Google.

Wil je toch hulp? Of wil je je site onder mijn leiding zelf verbeteren?

› Vraag dan de gratis webscan aan. Je krijgt ook altijd enkele gouden tips.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Heb jij behoefte aan een gratis adviesgesprek? Vraag het hier aan!

Let op!

Als je je apparaat in landscape-modus houdt (horizontaal), zie je meer!
Ik snap het